10.6.4. Nieuw Jeruzalem

Het Nieuwe Jeruzalem bestaat al

Bij de term 'het Nieuwe Jeruzalem' denken de meeste christenen aan de toekomstige verblijfplaats van Gods volk, zoiets als de hemel dus. Maar het Nieuwe Jeruzalem is volgens de Bijbel in de eerste plaats een symbolische voorstelling van de Bruid, bestaande uit de ware gelovigen uit de Gemeente en het joodse volk van alle eeuwen.

"... u bent genaderd tot de berg Sion en de stad van de levende God, het hemelse Jeruzalem, tot duizenden engelen, de feestelijke vergadering van de eerstgeborenen die in de hemel zijn ingeschreven, tot God, de rechter van allen, tot de geesten van de rechtvaardigen die de voleinding bereikt hebben, en tot Jezus, de middelaar van een nieuw verbond..." (Hebreeën 12:22-24, WV1995)

Laten we er eens een paar details uitlichten:

  • de berg Sion en de stad van de levende God, het hemelse Jeruzalem
    We hebben hier de symboliek van een hoge berg, een aanduiding van de plaats van Gods troon en het symbool van Gods heiligheid, majesteit en macht. In de Psalmen komen we dit beeld maar liefst 35 keer tegen. Het is hemels van aard.
  • duizenden engelen
    Dit zijn dienaren van God die Hem aanbidden
  • feestelijke vergadering
    Het begrip 'feest' duidt op de hemelse vreugde die in de gelovigen Gods tegenwoordigheid ervaren.
  • eerstgeborenen die in de hemel zijn ingeschreven
    Eerstgeborenen duidt op een selectie van de belangrijkste erfgenamen van het Koninkrijk, niet alle gelovigen dus, maar (naar mijn mening) een groep van de meest trouwe gelovigen van zowel het Oude als het Nieuwe Verbond.

Jeruzalem en Babylon

Jeruzalem en Babylon zijn twee symbolische steden die in het Bijbelboek Openbaring uitvoerig worden genoemd. Nieuw Jeruzalem is een voorstelling is van de toegewijde gelovigen uit het Oude en Nieuwe Verbond, ook voorgesteld als een mooie Bruid. Babylon symboliseert mensen uit alle volken die zich ooit door de satan hebben laten gebruiken als tegenstanders van Jezus, ook voorgesteld als een gemene hoer. Deze weerzinwekkende hoer Babylon wordt met praktisch dezelfde soort bewoordingen ten tonele gevoerd als de Bruid Jeruzalem. Let eens op de overeenkomsten van de manier van beschrijven en de contrasten wat hun karakter betreft:

Hoer Babylon

Bruid Jeruzalem

"Toen kwam een van de engelen met de zeven schalen en zei tegen mij: ' Kom, ik zal u het oordeel laten zien over de grote hoer, die aan de vele wateren zit..." (Openbaring 17:1-2, WV1995)

"Toen kwam een van de zeven engelen met de zeven schalen ... naar mij toe en zei: 'Kom! Ik zal u de bruid, de vrouw van het lam tonen.'" (Openbaring 22:9, WV1995)

"Hij voerde mij in de geest naar de woestijn. Daar zag ik een vrouw, gezeten op een scharlakenrood beest..." (Openbaring 17:3, WV1995)

"Hij bracht mij in de geest op een grote, hoge berg en toonde mij de heilige stad, Jeruzalem ..." (Openbaring 22:10, WV1995)

"... dat overdekt was met godslasterlijke namen ... In haar hand hield zij een gouden beker, boordevol met de gruwelijke onreinheden van haar hoererij.." (Openbaring 17:3-4, WV1995)

"... stralend van Gods heerlijkheid: zij schitterde als het kostbaarste gesteente..." (Openbaring 22:11, WV1995)

Nieuw Jeruzalem als Prachtbruid

"En ik zag de heilige stad, een nieuw Jeruzalem, nederdalende uit de hemel, van God, getooid als een bruid, die voor haar man versierd is." (Openbaring 21:2, NBG1951)

Ook al wordt er gesproken over Gods volk als de Bruid van Jezus, de vereniging tussen Bruidegom en Bruid heeft tevoren al plaatsgevonden. Maar haar ongekende frisheid en schoonheid zal nooit afnemen. De Bruid daalt neer uit de hemel, de Nieuwe Hemel wel te verstaan Zij is immers innig verbonden met de levende God die in de hemel troont. De Bruid Jeruzalem heeft de heerlijkheid van God.

"Zij had de heerlijkheid van God, en haar uitstraling was als een zeer kostbare edelsteen, als een kristalheldere steen jaspis." (Openbaring 21:11, HSV2010)

We hebben er geen idee van hoe mooi we als gelovigen met elkaar zullen zijn in Gods ogen wanneer alle onvolmaaktheid uit ons is verwijderd en er alleen overblijft wat Jezus in en door ons heeft gedaan. God ziet dat nu al, maar wij nog niet.

Zie ook het onderwerp 'Gemeente als Bruid' in hoofdstuk 'Gemeente'.

Gouden straten

"... de stad zelf was van zuiver goud, helder als glas." (Openbaring 21:18, NBV2004)

"... De straten van de stad waren van zuiver goud en schitterden als glas." (Openbaring 21:21, NBV2004)

De materialen van het Nieuwe Jeruzalem zijn uitermate kostbaar, wat aangeeft hoeveel de Bruid waard is in de ogen van Jezus, de Bruidegom. De stad zelf is van zuiver goud, doorschijnend goud. Het volkomen zuivere en doorschijnende geeft aan dat de gelovigen die de Bruid vormen volkomen transparant zullen zijn voor elkaar. Iedereen mag in hen zien wat God in en door hen gedaan heeft in het verleden.

Muren en poorten van Jeruzalem

De poorten zijn naar de stammen van Israël genoemd en de grondstenen (of fundamenten) naar de apostelen van het Nieuwe Testament. Israël en de Gemeente zullen naast elkaar voorkomen binnen het totale volk van God. Ik denk eerlijk gezegd niet dat ze tot één geheel zullen samensmelten waarbij hun eigenheden zullen verdwijnen. Gods Oude en Nieuwe Verbond hebben immers allebei een eeuwige geldigheidsduur.

"... Met fijne leem zal ik je stenen inleggen, op saffier zal ik je grondvesten. Ik maak je torens van robijn, je poorten van beril, je muren van kostbare edelstenen." (Jesaja 54:11-12, NBV2004)

"Ze had een grote, hoge muur met twaalf poorten en bij elke poort stond een engel. Op de poorten waren namen geschreven: de namen van de twaalf stammen van Israëls zonen... De stadsmuur had twaalf grondstenen, met daarop de namen van de twaalf apostelen van het lam." (Openbaring 21:12,14, NBV2004)

De muur om het Nieuwe Jeruzalem heeft niets te maken met veiligheid, want alle vijanden zijn voorgoed verdwenen. Een muur maakt onderscheid tussen mensen aan weerskanten van die muur: je hoort er binnen of je hoort erbuiten.

God woont bij de mensen

"En ik hoorde een luide stem van de troon zeggen: Zie, de tent van God is bij de mensen en Hij zal bij hen wonen, en zij zullen zijn volken zijn en God zelf zal bij hen zijn..." (Openbaring 21:3, NBG1951)

De Bijbel zegt ook dat God zelf te midden van de mensen zal wonen. Er wordt ook niets gezegd over een groot koninklijk paleis. Integendeel. We lezen in de meer letterlijke Bijbelvertalingen dat de 'tent van God' bij de mensen zal staan. God zal echt te midden van de mensen wonen, toegankelijk en beschikbaar voor ieder die met Hem wil communiceren. Net zo gemakkelijk en informeel als kampeerders op een camping elkaar kunnen ontmoeten. Iedereen zal Hem overal kunnen zien als de bron van alle levensgeluk. Dat God zowel op de Troon in de hemel zit en bij de mensen woont is natuurlijk geen tegenstelling. Dat kan gewoon naast elkaar gebeuren in de nieuwe wereld.

Centrum van aanbidding

Onder het Oude Verbond was Jeruzalem het centrum van aanbidding voor de God van Israël. God had zijn naam verbonden aan deze 'eeuwige stad':

"... Jeruzalem, de stad die Ik Mij verkoren heb om mijn naam daar te vestigen. (1 Koningen 11:36, NBG1951)

De tempel stond in Jeruzalem en daar werd de priesterdienst voor God uitgevoerd. Evenzo zal het Nieuwe Jeruzalem het geestelijke centrum zijn van de Nieuwe Aarde. Gelovigen die tot de Bruid behoren zullen priesterlijke taken mogen uitvoeren zoals het aanbidden van God en tussenpersonen zijn tussen God en bewoners van de Nieuwe Aarde. De Gemeente wordt in de Bijbel wel vergeleken met een tempel waarin God woont.

"Maar een tempel zag ik niet in de stad, want God, de Heer, de Almachtige, is haar tempel, met het lam." (Openbaring 21:22, NBV2004)

De eredienst aan God zal nooit ophouden. Als we de beide hierboven teksten combineren, kunnen we zeggen dat het heiligste heiligdom op de Nieuwe Aarde zal worden gevormd worden door God en Jezus in verbondenheid met zijn Bruid. De Bruid zal het volmaakte priesterschap vormen, dat op de Nieuwe Aarde priesterlijke taken zal vervullen. Haar belangrijkste taak zal het vereren van God zijn:

"... De troon van God en van het lam zal daar in de stad staan. Zijn dienaren zullen hem vereren en hem met eigen ogen zien, en zijn naam staat op hun voorhoofd." (Openbaring 22:3-4, NBV2004)

Een tweede priesterlijke taak is om een verbindende schakel te vormen tussen God en de volken die op de Nieuwe Aarde zullen leven. Evenals onder het Oude Verbond niet alle Israëlieten priesters waren, maar alleen de stam Levi, zo is de priesterdienst op de Nieuwe Aarde ook alleen de taak van de Bruid.

Stad op een berg

Het is mogelijk dat het Nieuwe Jeruzalem tegelijk ook een benaming zal zijn van een gebied waar de gelovigen wonen. In dat geval is het ook zoiets als de hoofdstad van de Nieuwe Aarde, het glorieuze middelpunt.

Het Nieuwe Jeruzalem (de Bruid en als zodanig de toekomstige woonplaats van God op aarde) zal als een stad op een berg zijn, in figuurlijke zin wel te verstaan:

"De stad was vierkant, even lang als breed..." (Openbaring 21:16, NBV2004)

Omdat lengte, breedte en hoogte van het Nieuwe Jeruzalem gelijk zijn, kunnen we een beeld krijgen van een stad die gebouwd is op een steile berg, die even hoog is als lang en breed, in een soort piramideachtige vorm dus. Dat doet denken aan de beschrijving van het paradijs in Genesis 2, waar we lezen dat er een rivier in Eden ontsproot (natuurlijk op een hooggelegen gedeelte), die zich in vieren splitste. Ook de hof van Eden was mogelijk op een berg of heuvel gebouwd. Heel bijzonder om overeenkomsten te zien tussen het oorspronkelijke paradijs en de toekomstige volmaakte aarde. Het concept van God die op een berg woont komen we in het Oude Testament wel vaker tegen:

"Groot is de HEER, hem komt alle lof toe. In de stad van onze God, op zijn heilige berg." (Psalm 48:1, NBV2004)

"Dit zegt de HEER: Ik keer terug naar de Sion en kom in Jeruzalem wonen. 'Stad van trouw' zal Jeruzalem heten, en de berg van de HEER van de hemelse machten 'Heilige berg'." (Zacharia 8:3, NBV2004)

Als volk van God zijn we geroepen om vandaag de dag een stad op een berg te zijn, om als zodanig Gods glorie en liefde te laten zien aan de wereld om ons heen. Op de Nieuwe Aarde zal dat op een volmaakte manier plaatsvinden.

Rivier

In Openbaring 22 vertelt ons over een rivier, die ontspringt uit een waterbron in het Nieuwe Jeruzalem, de stadsberg. Daardoor zal de gehele Nieuwe Aarde van levenswater worden voorzien:

"Hij liet me een rivier zien met water dat leven geeft. De rivier was helder als kristal en ontsprong aan de troon van God en van het lam." (Openbaring 22:1, NBV2004)

God zelf, onze Schepper, is de bron van levend water (Jeremia 2:12) dat via Jezus (Johannes 4:10) naar ons toestroomt om ons leven te geven. Ik denk dat we deze rivier gerust mogen voorstellen als een stelsel van rivieren in plaats van één enkele rivier. Het gaat om het concept van water dat van de berg naar beneden stroomt. Een en ander doet denken aan de beschrijving van het oorspronkelijke paradijs:

"Er ontspringt in Eden een rivier die de tuin bevloeit. Verderop vertakt ze zich in vier grote stromen. (Genesis 2:10, NBV2004)

Ook de profeet Ezechiël heeft een visioen gehad van deze rivier van Gods zegen:

"... er stroomde water onder de drempel van het huis (=tempel) uit, oostwaarts ... en zie, daar borrelde water op uit de rechter zijkant. Nadat de man (=engel) uitgegaan was, naar het oosten met een meetsnoer in zijn hand, mat hij duizend el en deed mij door het water gaan; het water reikte tot aan de enkels. Hij mat weer duizend el en ... het water reikte tot de knieën. Hij mat weer duizend el ... en het water reikte tot aan de heupen. Hij mat nog eens duizend el; nu was het een beek geworden, die ik niet doorwaden kon, want het water was zo hoog, dat men erin zwemmen kon..." (Ezechiël 47:1-5, NBG1951)

De stromende rivier(en) kunnen we zien als een voorstelling van de zegen die uit het Nieuwe Jeruzalem voortkomt voor de volken. Die zegen is afkomstig van God en wordt door de bruidsmensen doorgegeven aan de volken. Jeruzalem zal als het ware de moederstad van de wereld zijn (Galaten 4:26):

"Laat allen die Jeruzalem liefhebben zich met haar verheugen en juichen om haar ... Aan haar vertroostende moederborst zullen jullie drinken en verzadigd worden..." (Jesaja 66:10-11, NBV2004)

Licht voor de volken

"De stad heeft het licht van zon en maan niet nodig, want de heerlijkheid van God verlicht haar, en haar lamp is het lam (=Jezus)." (Openbaring 21:23, WV1995)

Het Nieuwe Jeruzalem wordt ook beschreven als een lichtstad. God zelf woont in die stad, zoals ook al in Openbaring 21:3 te lezen is. Licht is o.a. een symbool van leven, vreugde en inzicht. Het is Gods hoogste vreugde om dicht bij de mensen te zijn en al het goede met hen te delen. Vandaar dat er voor de Nieuwe Aarde geen zon meer nodig is. God zelf zal het licht zijn, hetzelfde licht dat Hij schiep op scheppingsdag 1, toen de Schepper zei: "Er zij licht!"

"En de volken zullen bij haar licht (=het licht van Jeruzalem, de Bruid) wandelen..." (Openbaring 21:24, NBG1951)

Wat we hier lezen is heel bijzonder. De Bruid zal dus het door God ontvangen licht doorgeven aan de volken, die na het Laatste Oordeel zijn begenadigd ofwel gered, 'zalig geworden' zoals men vroeger zei. De bruidsmensen zullen de zegeningen van God aan de volken doorgeven en aan de andere kant zullen de volken ook hun diensten bewijzen aan de bruidsmensen. Dat zal kennelijk de relatie zijn tussen de Bruid en de volken: elkaar wederzijds zegenen, terwijl de Bruid tegelijk als een regerend volk boven de volken staat, zoals in het Messiaanse Vrederijk.

Het leven van Gods kinderen in de hemel, vervolgens op de huidige aarde tijdens het Messiaanse Vrederijk en tenslotte op de Nieuwe Aarde zal ongetwijfeld veel overeenkomsten vertonen, in een oplopende mate van goddelijke heerlijkheid.
Zie daarvoor de hoofdstukken 'Hemel' en 'Messiaans Vrederijk' voor meer details.

 

Herschepping 2.0. Een uitgebreide, samenhangende serie studies over Bijbelse onderwerpen
voor persoonlijke opbouw en gespreksgroepen over Gods herscheppende werk in het leven van de gelovige.
copyright © 2013 - voor het laatst bijgewerkt op 18 maart 2013