9.6.5. Veranderde Paulus

Gezagvol karakter

Barnabas was bij de eerste zendingsreis uiteraard de leider. Hij had de meeste ervaring in het werk van de Heer. Toen Barnabas en Paulus (toen nog Saulus geheten) op Cyprus bij de landvoogd Sergius Paulus waren, bleek daar ook een occult figuur te zijn die de landvoogd van het geloof probeerde af te houden. Hier kwam het wilskrachtige karakter van Paulus goed van pas. Bewust van zijn geestelijke autoriteit in Jezus was hij niet bang voor een confrontatie. Dat was hij nooit geweest, nu ook niet.

"... vervuld van de heilige Geest zei hij (=Paulus): 'U bent een bedrieger, een gewetenloze oplichter, een kind van de duivel en een vijand van elke vorm van gerechtigheid. Hoe durft u de rechte wegen van de Heer te veranderen in kronkelpaden? Let op: de hand van de Heer zal u treffen, u zult blind zijn en voorlopig geen zonlicht meer zien.' Onmiddellijk werd alles donker om hem heen, zodat hij tastend zijn weg moest zoeken en anderen moest vragen of ze hem wilden leiden. Toen de proconsul dit zag, aanvaardde hij het geloof, diep onder de indruk als hij was van wat hij over de Heer had geleerd." (Handelingen 13:9-12, NBV2004)

Paulus toonde moed en leiderschap. Vanaf dat moment wordt in het Bijbelboek Handelingen Paulus eerst genoemd en vervolgens Barnabas. Hij werd duidelijk de nieuwe leider van het zendingsteam. Dezelfde moed toonde Paulus toen hij tijdens zijn tweede zendingsreis met Silas in Filippi was.

"Een andere keer, toen we weer op weg waren naar de gebedsplaats, kwamen we een jonge slavin tegen die bezeten was door een geest en zo de toekomst kon voorspellen. Met haar waarzeggerij verdiende ze veel geld voor haar eigenaars. Terwijl ze achter Paulus en ons aan liep, schreeuwde ze aan één stuk door: 'Deze mensen zijn dienaren van de allerhoogste God en verkondigen u hoe u gered kunt worden!'" (Handelingen 16:16-17, NBV2004)

Paulus baalde flink van het geschreeuw van de slavin. Sommige lezers zullen zich misschien afvragen waarom Paulus zo'n punt van maakte van wat ze riep. Het was toch gratis reclame voor zijn boodschap? Als leider van een jeugdgroep heb ik jaren geleden een persoonlijk gesprek gehad met een meisje, dat enkele keren was meegekomen. Zij was duidelijk gebonden door satanische machten, maar ze probeerde me ervan te overtuigen dat ze een goede christen was. Ze citeerde Bijbelteksten, maar ze klonken als vloeken, gewoon vreselijk. Ik zal dat nooit vergeten. Ik denk dat Paulus een zelfde soort ervaring had, zodat hij het demonische geschreeuw niet langer kon aanhoren.

"Dat ging verscheidene dagen zo door. Toen Paulus er genoeg van kreeg, sprak hij de geest als volgt toe: 'Ik beveel je in de naam van Jezus Christus: verlaat haar!' En op datzelfde moment ging de geest uit haar weg." (Handelingen 16:18, NBV2004)

Jaren later, na een tijd van gevangenschap in Caesarea werd Paulus als gevangene door Romeinse militairen per schip naar Rome vervoerd. Tijdens een vreselijke storm was iedereen doodsbenauwd, maar Paulus bleef kalm. Hij wist dat God een taak voor hem had in Rome, dus was hij niet bang dat het schip zou vergaan. Hij nam de leiding van het schip, nota bene als gevangene over de officieren van het machtige Romeinse rijk, bad God om uitkomst en zodoende kwamen alle opvarende veilig aan land (Handelingen 27). Een sterk staaltje van moedig leiderschap! Maar wel vanuit de kracht en verbondenheid met de Heer.

Zelfstandigheid van Paulus

Als een rechtgeaard, zelfstandig type hield Paulus er niet van om op andermans kosten te leven. Vooral in Korinte, waar hij geruime tijd bleef, wilde hij zelf de kost verdienen als tentenmaker, een beroep dat hij kennelijk tevoren wel eens had uitgeoefend.

"Daar ontmoette hij Aquila, een Jood uit Pontus. Die was met zijn vrouw Priscilla daar nog maar kortgeleden aangekomen vanuit Italië ... Paulus zocht hen op, en omdat hij evenals Aquila het vak van tentenmaker uitoefende, bleef hij bij hen wonen en werken." (Handelingen 18:2-3, GNB1996)

"Geld of kleding heb ik van niemand verlangd; u weet wel dat ik eigenhandig heb voorzien in mijn levensonderhoud en dat van mijn metgezellen." (Handelingen 20:33-34, NBV2004)

Paulus had de ware pioniersgeest die paste bij zijn wilskrachtige karakter en zijn roeping als apostel voor de niet-joden. Hij wilde zo ongeveer het hele Romeinse Rijk afreizen om overal christelijke gemeenten te stichten. Het was hem nooit te ver of te moeilijk. Hij had zelfs plannen om naar Spanje te gaan (Handelingen 15:24,28) maar voor zover we weten is hij daar nooit geweest. Zijn volgende opmerking spreekt boekdelen over zijn zelfstandige en tegelijk ambitieuze karaktertrekken:

"Ik heb er altijd mijn eer in gesteld het evangelie niet te verkondigen op plaatsen waar al over Christus gesproken was. Het is niet mijn bedoeling te bouwen op een fundering die door een ander is gelegd." (Romeinen 15:20, GNB1996)

Was dat verkeerd? Nee natuurlijk niet, hij zag dit als zijn unieke opdracht. En Gods opdrachten worden dikwijls afgestemd op iemands persoonlijke karakter.

Leiderschap van Paulus

Paulus was een eersteklas gemeentestichter en als hij ergens het evangelie had verkondigd en er mensen tot geloof in Jezus waren gekomen, stelde hij leiders aan om de gemeente verder te helpen en in stand te houden.

"In elke gemeente stelden ze oudsten aan, en na gevast en gebeden te hebben bevalen ze hen aan bij de Heer, in wie ze hun vertrouwen hadden gesteld." (Handelingen 14:23, NBV2004)

Hij was goed in het begeleiden en motiveren van zijn naaste medewerkers, zoals onder meer blijkt uit de twee brieven aan Timoteüs, waarin hij zijn jonge collega aanvullend onderwijs geeft en pastorale adviezen voor zijn gemeente op Kreta. Ook de brief aan Titus heeft zo'n karakter.

De brieven van Paulus, die deel uitmaken van het Nieuwe Testament, bevatten ook aanvullend onderwijs, waarin hij ook ingaat op situaties in de gemeente. Op die manier kon hij op afstand toch zorg dragen voor de jonge gemeenten.

Doelgerichtheid van Paulus

Paulus was een voorbeeld van radicaal discipelschap, onverdeelde toewijding aan zijn Heer. Hij was een voorbeeld van doelgerichtheid en hij wist wat hij wilde.

"Het enige wat ik wil, is Christus kennen en ervaren hoe groot de kracht is, waardoor Hij uit de dood is opgestaan. Ik wil ervaren wat het betekent om met Hem te sterven om uiteindelijk te komen tot de opstanding uit de dood." (Filippenzen 3:10-11, HB2008)

Sommige Bijbeluitleggers suggereren bij deze verzen helaas dat Paulus niet zeker zou zijn van zijn eeuwige behoud en of hij wel of niet de lichamelijke opstanding zou meemaken. 'Het Boek' heeft dit Bijbelgedeelte naar mijn mening het beste weergegeven. Paulus wist ook dat hij Gods einddoel nooit volledig zou kunnen bereiken tijdens zijn leven op aarde, want volmaaktheid is op aarde voor niemand haalbaar. Maar tot het einde van zijn leven zou hij zich uitstrekken naar dat doel en alles daaraan onderwerpen. Hij had er alles voor over, zelfs zijn leven:

"Ik hecht echter niet de minste waarde aan het behoud van mijn leven, als ik mijn levenstaak maar kan voltooien en de opdracht uitvoeren die ik van de Heer Jezus ontvangen heb: getuigen van het evangelie van Gods genade." (Handelingen 20:24, NBV2004)

"... vergetend wat achter me ligt en me richtend op wat voor me ligt, streef ik naar het doel: de prijs van de hemelse roeping, die God in Christus Jezus tot mij richt." (Filippenzen 3:13-14, WV1995)

Dit is de beste vorm van gemotiveerd optimisme: vooruitzien en je niet laten hinderen door negatieve ervaringen uit het verleden. Het doel van Paulus was niet zijn eeuwige behoud (daar was hij allang zeker van), maar het bereiken van het doel wat Jezus had met zijn leven. Het najagen van dat doel was de motivatie waardoor hij tot het einde van zijn leven een opmerkelijke vitaliteit behield.

Veel mensen takelen bij het ouder worden te vroeg af door gebrek aan een doel in hun leven, terwijl ze denken dat het door een afnemende gezondheid komt. Mopperige oude mensen zijn vaak mensen die geen doel meer hebben om voor te leven. Maar dat gold niet voor Paulus. Aan het einde van zijn leven kon hij uiteindelijk zeggen:

"... ik heb de goede strijd gestreden, de wedloop volbracht, het geloof behouden. Nu wacht mij de krans van de gerechtigheid die de Heer, de rechtvaardige rechter, aan mij zal geven op de grote dag; en niet alleen aan mij, maar aan allen die naar zijn komst hebben uitgezien." (2 Timoteüs 4:7-8, NBV2004)

Paulus bleef vooruitzien. Met welk doel heeft God jou geschapen en je allerlei gaven gegeven om Hem en je medemens te dienen? Vraag Hem om inzicht en zet alles op alles om dat doel te bereiken, zoals een atleet die zijn hele leven afstemt om die ene overwinning te behalen waardoor hij kampioen wordt. Voor een topsporter vinden we het heel normaal om zo te leven. Maar als een gelovige in zulke termen spreekt over het volgen van Jezus noemen we hem al gauw fanatiek en niet van deze wereld. God geve veel van zulke radicale gelovigen!

Liefdevol

Een wilskrachtig type heeft van nature geen warme persoonlijkheid. Paulus vormde daarop geen uitzondering. En toch zien wij in zijn brieven hoezeer Gods liefde zijn hart ook steeds meer heeft vervuld met liefde voor mensen. Dat is een wonder van betekenis en laat zien hoe de Heilige Geest kan voorzien bij karakterbeperkingen. Paulus was bijvoorbeeld heel bewogen met de joden die Jezus nog niet als hun Messias hadden aanvaard:

"ik ben diepbedroefd en word voortdurend door verdriet gekweld. Omwille van mijn volksgenoten ..." (Romeinen 9:2-3, NBV2004)

"... ik wens uit de grond van mijn hart en bid tot God dat ze zullen worden gered ..." (Romeinen 10:1, NBV2004)

Let ook eens op zijn bewogenheid om jonge gelovigen in Efeze te helpen bij hun geloofsgroei:

"... vergeet niet hoe ik ieder van u drie jaar lang dag en nacht onder tranen steeds weer raad heb gegeven." (Handelingen 20:31, NBV2004)

Paulus heeft Gods zegende liefde leren kennen en doorgegeven aan anderen. Hij was een man die voor zichzelf steeds de hoogst mogelijke doelen nastreefde en hij had ontdekt wat de hoogst denkbare weg is die een gelovige kan gaan: de weg van de liefde.

"Richt u dus op de belangrijkste gaven. Maar ik zal u een weg wijzen die dit alles overtreft." (1 Korintiërs 12:31, GNB1996)

En deze woorden vormen zijn inleiding op het briljante hoofdstuk over de zegenende liefde: 1 Korintiërs 13. Paulus wist waar hij het over had. God had zijn hart langzaam maar zeker veranderd en hem tot een liefdevol persoon gemaakt. Dat was het grootste wonder in het leven van Paulus.

Conclusie

Ook voor wilskrachtige gelovigen is er meer dan genoeg reden om God te vertrouwen nieuwe dingen in hun leven te doen. Als zij hun oude natuur volgen kunnen ze heel veel schade veroorzaken. Maar als ze hun wil laten ombuigen door Jezus en zich op zijn Koninkrijk gaan richten, kunnen ze ongekend veel betekenen voor de uitbreiding en voortgang van het Koninkrijk.

Wilskrachtige gelovigen worden niet gemotiveerd door hen voor te houden dat ze schaapjes van de Goede Herder zijn, wel door het feit dat ze mogen vechten in Gods leger. Vooral de onbeperkte uitdagingen van het Koninkrijk van God spreken hen aan en motiveren hen tot radicaal discipelschap, om waarheid te verkondigen, onrecht te bestrijden, leugens te ontmaskeren en het op te nemen voor de zwakkeren. Het zijn de pioniers die vooruit denken, nieuwe wegen durven in te slaan en nieuw werk op kunnen bouwen. Al deze dingen zien we in het leven van de wilskrachtige Paulus, die wellicht meer heeft betekend voor de christenen van alle eeuwen dan de andere apostelen bij elkaar.

Gods plannen zijn soms heel vreemd in onze ogen, maar ze kloppen wel. De meeste vruchten van Paulus' werk komen waarschijnlijk voort uit ... zijn brieven die hij vanuit de gevangenis schreef en een belangrijk onderdeel zijn geworden van ons Nieuwe Testament. Dat had hij destijds vast nooit durven vermoeden. Wat zal hij zich vaak geërgerd hebben aan die boeien om zijn polsen tijdens zijn gevangenschap. Hij wist niet dat die boeien hem op de plek hielden van waaruit hij verreweg de meeste vrucht zou dragen. Wonderlijk toch...

Zie ook onderwerp 'Lijden van Paulus' in hoofdstuk 'Geloofsvervolging'.

 

Herschepping 2.0. Een uitgebreide, samenhangende serie studies over Bijbelse onderwerpen
voor persoonlijke opbouw en gespreksgroepen over Gods herscheppende werk in het leven van de gelovige.