5.4.8. Bidden om vervulling met de Geest

"... Als u wist wat God wil geven, en wie het is die u om water vraagt, zou u hém erom vragen en dan zou hij u levend water geven." (Johannes 4:10, NBV2004)

Twee beloften

De voorwaarden voor het ontvangen van de beloofde Heilige Geest zijn in principe niet anders dan de voorwaarden om tot wedergeboorte te komen. Op de eerste Pinksterdag drukte Petrus dit als volgt uit:

"... Bekeer u en laat ieder van u gedoopt worden in de Naam van Jezus Christus, tot vergeving van de zonden; en u zult de gave van de Heilige Geest ontvangen." (Handelingen 2:38, HSV2010)

Er worden dus twee basisvoorwaarden genoemd:

  1. bekering tot God door geloof in Jezus
  2. doop als uiterlijk teken van je wedergeboorte

De eerste voorwaarde is de belangrijkste (zie Marcus 16:16); het gaat immers vooral om de innerlijke verandering. Niettemin is de opdracht om je te laten dopen niet zonder betekenis. Het is een belangrijke stap die uiting geeft aan de innerlijke geloofsovergave en die daardoor een versterking is van de overgave.

We lezen in het aangehaalde Bijbelvers behalve twee voorwaarden ook twee beloften:

  1. vergeving van zonden (één aspect van wedergeboorte wordt hier genoemd; natuurlijk omvat Gods belofte alles van de wedergeboorte)
  2. de gave van de Heilige Geest (niet alleen de inwoning, maar ook de vervulling)

Evenals wedergeboorte Gods antwoord is op bekering, zo is vervulling met de Heilige Geest ook een geschenk van God dat je van Hem mag aannemen, tegelijk met je wedergeboorte of later. Bij bekering is geloofsovergave de voorwaarde, bij de vervulling met de Heilige Geest idem dito.

Alle ware gelovigen hebben ooit de eerste geloofsstap tot bekering genomen. Veel minder gelovigen hebben een soortgelijke geloofsstap genomen om vervulling met de Heilige Geest te ontvangen. Velen van hen hebben nooit gehoord dat er zoiets bestaat. Zij menen dat ze bij de wedergeboorte alles hebben ontvangen wat God hen wilde geven. Dit doet me denken aan een verhaal over een vrouw die in de boekwinkel een tweedelige encyclopedie had gekocht. Toen ze thuis kwam ze er achter dat ze alleen het eerste deel had meegenomen. De volgende dag ging ze naar de boekwinkel en vroeg ze om het tweede deel. Dat kreeg ze onmiddellijk, want er was immers voor beide delen betaald. Velen van ons hebben verzuimd om deel twee van Gods belofte bij Hem op te halen. In dat geval ligt het nog klaar om in ontvangst te nemen...

Mijn eigen verhaal

Persoonlijk was ik al jarenlang op zoek geweest naar de vervulling met Gods Geest. Op zekere dag las ik het bovenstaande voorbeeld in het bekende boek 'Het normale christelijke leven' van Watchman Nee. Dat raakte mijn hart op een bijzondere manier. De dag daarna ging ik een eind wandelen en bad ongeveer het volgende gebed: "Vader, dit wordt een historisch moment. Vanaf nu ga ik U niet meer vragen om vervuld te worden met de Heilige Geest. Ik wil U er nu voor bedanken. Amen." Meer niet. Er gebeurde die dag niets merkbaars. Maar de volgende morgen stond ik op met een ongekend diep besef van Gods grootheid en trouw dat mijn leven in een soort warmtegloed zette en ik wist: dit is het. Dat bijzondere besef van innerlijke vernieuwing duurde maanden lang. Het was net of mijn geloof een nieuw, krachtiger fundament had gekregen en God werd kostbaarder voor me dan ooit daarvoor, en dat was blijvend. Niet lang na die gebeurtenis riep God me voor een taak in de zending. Op een of andere manier stonden beide gebeurtenissen met elkaar in verband. Ik stond versteld van Gods liefdevolle betrokkenheid met mij, als eenvoudige gelovige. Natuurlijk is mijn verhaal maar een voorbeeld. God werkt op heel verschillende manieren bij mensen.

Beloofd aan ALLE gelovigen

Op de eerste Pinksterdag legt Petrus uit voor wie de belofte van het vervuld worden met de Heilige Geest gereserveerd is:

"want voor u geldt deze belofte, evenals voor uw kinderen en voor allen die ver weg zijn en die de Heer, onze God, tot zich zal roepen." (Handelingen 2:39, NBV2004)

De belofte van de Heilige Geest is dus in de eerste plaats gegeven aan joden en hun nageslacht. Het woord in de Griekse grondtekst dat hier met 'kinderen' is vertaald, heeft de betekenis van 'nakomelingen', dus niet van 'kleine kinderen'. Ook is de belofte voor 'allen die verre zijn' (= niet-joden), die zich bekeren in reactie op de roepstem van God.

Als je op grond van de Bijbel hebt geconstateerd dat het Gods wil is dat je vol (of voller) wordt met Gods Geest, mag je Hem daar eenvoudigweg om vragen.

"Als u die slecht bent, uw kinderen dus goede gaven weet te geven, hoeveel te meer zal de hemelse Vader de Heilige Geest geven aan hen die tot Hem bidden?" (Lucas 11:13, HSV2010)

 

Herschepping 2.0. Een uitgebreide, samenhangende serie studies over Bijbelse onderwerpen
voor persoonlijke opbouw en gespreksgroepen over Gods herscheppende werk in het leven van de gelovige.
copyright © 2013 - voor het laatst bijgewerkt op 4 januari 2017