5.1.2. Geloof van thuis meegekregen?

Dit onderwerp is bestemd voor mensen die wel kerkelijk zijn opgegroeid, maar die zich afvragen of ze wel een echt, levend geloof hebben, omdat ze er zo weinig kracht uit putten. Ervaar je het misschien als een aangeleerd of een aangepraat geloof? Weet je niet zeker of je een kind van God bent geworden? Lees dan vooral verder...

Wij weten...

Sommige lezers zullen zich wellicht herkennen in de volgende uitspraak:

"Ik heb het geloof van huis uit meegekregen. Ik geloof wat in de Bijbel staat en ik ga naar de kerk. Waarom moet ik me dan druk maken over wedergeboorte? Je mag toch geloven dat je wedergeboren bent als je gelooft dat Jezus voor je zonden is gestorven, of niet soms? Wat heb ik niet wat ik wel zou moeten hebben?"

Deze vraag, die ik vele malen gehoord heb, is eeuwen geleden in een wat andere vorm ooit aan Jezus gesteld, en wel door Nicodemus. In Johannes 3 lezen we het boeiende gesprek over wedergeboorte tussen Jezus en Nicodemus, een integere farizeeër, die 's nachts Jezus opzocht om met Hem te spreken over geloofszaken. Hij begon als volgt:

"Rabbi, wij weten dat U van God gekomen bent als leraar, want niemand kan deze tekenen doen, die U doet, als God niet met Hem is." (Johannes 3:2, HSV2010).

Nicodemus was niet alleen een nauwgezette kenner van de Schriften. Hij had ook ontdekt dat Jezus een door God gezondene was en daarin was hij een uitzondering onder de joodse leiders. Hij zag Jezus in de eerste plaats als een leraar, waarbij zijn wondertekenen zijn goddelijke roeping bewezen. Het valt op dat Nicodemus Jezus puur benaderde vanuit zijn verstand. Hij begon met: "Wij weten..." en daarmee liet hij goed merken dat hij zijn godsdienst voornamelijk vanuit zijn verstand beleefde.

Ben je wedergeboren?

Jezus had natuurlijk onmiddellijk door wat er ontbrak in het leven van Nicodemus. Jezus legde hem het verschil uit tussen godsdienstigheid gebaseerd op verstandelijke opvattingen en het echte leven met God. Jezus zei onomwonden:

"...Als iemand niet opnieuw geboren wordt, kan hij het Koninkrijk van God niet zien." (Johannes 3:3, HSV2010)

Het gaat bij Jezus niet om het accepteren van de Bijbelse waarheid, niet om het van harte instemmen met de zuivere leer en niet om het nauwgezet willen opvolgen van Gods geboden. Het gaat in het Koninkrijk van de Hemel allereerst om een verandering die God in een mensenhart doet plaatsvinden waardoor hij het Koninkrijk kan gaan ZIEN. Pas als je het bent gaan zien kun je ervoor kiezen er binnen te gaan.

"... Ik zeg u: Als iemand niet geboren wordt uit water en Geest, kan hij het Koninkrijk van God niet binnengaan. Wat uit het vlees geboren is, is vlees; en wat uit de Geest geboren is, is geest." (Johannes 3:5-6,HSV2010)

Het is heel belangrijk om te weten dat dit nieuwe leven bovennatuurlijk van aard is. Je kunt het niet zelf voortbrengen, niet aanleren en niet bij je geboorte, via je ouders of vanuit je kerkelijke kring meekrijgen. Bij wedergeboorte komt Gods Geest in de geest van de mens wonen. Daardoor ontstaat er een geestelijke verbondenheid met God.

Opgroeien in een christelijk gezin

Als je in een gelovig gezin bent opgegroeid, dan ben je erg bevoorrecht. Dan heb je immers wegwijzers naar Jezus meegekregen. Hopelijk heb je dan al op jonge leeftijd een christelijke atmosfeer in huis ervaren, waarbij je christelijke normen en waarden hebt leren kennen. Je hebt geluisterd naar Bijbelse verhalen, thuis of op de zondagsschool en in de kerk. Daardoor werd een zekere interesse bij je gewekt. Je voelde intuïtief dat God heel belangrijk is en dat Hij van je houdt. Het was alsof je geleidelijk aan dichter bij God kwam te staan.

Zo langzamerhand ging je beseffen dat het niet gemakkelijk is om te leven zoals God het wil. Ook merkte je dat je verlangens naar verkeerde dingen soms zo sterk waren, dat je ze niet de baas kon blijven. Alles ging met vallen en opstaan. Je ging jezelf wel als een christen beschouwen, want je geloofde beslist in God en je wilde bij Hem horen. Maar toch was het alsof er iets ontbrak, alsof je het nog niet grijpen kon...

Misschien ben je wel actief in je kerk of gemeente, leid je een zondagsschoolgroep of speel je in een gospelband. Tegelijk worstel je met de vraag of je bezig bent het geloof van je ouders of van anderen te imiteren of dat het uit je eigen hart komt. Dat is zo ongeveer de situatie, waarin veel jongeren zich bevinden als ze in een kerkelijke omgeving zijn opgegroeid.

Geloven dat Jezus voor je zonden gestorven is

In veel kerkelijke kringen wordt geleerd dat je vanaf je geboorte al een kind van God bent als je in een christelijk gezin bent geboren. Als je toch al een kind van God bent, waarom moet je je dan bekeren om wedergeboren te worden? Het is toch logisch dat een kind van God al wedergeboren is en het nieuwe leven al in zich heeft? Maar als je van dat nieuwe leven in je dagelijks leven nauwelijks iets merkt dan geeft dat natuurlijk allerlei twijfels. Je hoort dan ook steeds uitspraken als: 'Wij mogen geloven dat ...', maar geloof je dat dan ook? En als dan ook nog eens wordt verkondigd dat twijfelen aan je behoud normaal is voor christenen, dan weet je het helemaal niet meer. Het gevolg is een armetierig bestaan als kerklid met een aangepraat 'geloof' waar geen kracht van uitgaat.

Maar je beschouwt jezelf toch wel als christen, want je gelooft echt dat Jezus voor je zonden is gestorven. En dat is toch het geloof dat je tot een christen maakt? Laat me even iets verduidelijken. Jezus is gestorven aan het kruis om plaatsvervangend de straf te dragen voor ALLE zonden van ALLE wereldbewoners die ooit gedaan zijn en gedaan zullen worden. Daarom kan zelfs de meest verdorven godloochenaar naar waarheid zeggen dat Jezus ook voor ZIJN zonden is gestorven, want dat is altijd waar. Dus ook die 'belijdenis' dat je gelooft dat Jezus voor je zonden gestorven is, maakt je nog geen christen.

Godsdienstige overtuiging

Voor echt reddend geloof is bekering nodig en dat geldt ook voor kerkmensen. Dat is voor velen een moeilijk te verteren boodschap. Niet voor niets is er het volgende gezegde:

"Het is een christelijk werk om een heiden te bekeren,
maar het is een heidens werk om een christen te bekeren."

Om te beginnen een misvatting dat je een kind van God wordt door in een christelijk gezin geboren te worden. In het Nieuwe Testament is veelvuldig te lezen dat er geloof nodig is om een kind van God te worden.

"Maar aan wie hem (=Jezus) aanvaardden en in hem geloofden, heeft hij het recht gegeven kinderen van God te worden." (Johannes 1:12, GNB1996)

"Want zo lief heeft God de wereld gehad, dat Hij Zijn eniggeboren Zoon gegeven heeft, opdat ieder die in Hem gelooft, niet verloren gaat, maar eeuwig leven heeft." (Johannes 3:16, HSV2010)

Een pas geboren kind kan zo'n geloofskeuze niet maken en zijn ouders kunnen dat niet plaatsvervangend voor hun kind doen. Nergens in de Bijbel wordt ook maar de suggestie gewekt dat dit kan. De geloofskeuze om Jezus te aanvaarden als Verlosser en Heer met alle consequenties van dien is een deel van het bekeringsproces dat in volgende onderwerpen uitvoerig wordt uitgelegd. Nogmaals, het is echt een vergissing om te denken dat je geen bekering nodig hebt als je christelijk bent opgevoed. Dat geldt ook voor degenen die belijdenis hebben gedaan of zich hebben laten dopen zonder dat ze de innerlijke verandering hebben meegemaakt. Veel mensen hebben een godsdienstige overtuiging meegekregen vanuit hun achtergrond, maar een godsdienstige overtuiging is heel iets anders dan een levend geloof.

En zo zitten veel kerkmensen op het randje van bekering. Ze verkeren soms hun leven lang in de schemerige fase tussen volstrekte duisternis en de doorbraak van het licht dat aanbreekt bij de wedergeboorte. Ze willen maar al te graag groeien in hun geloof, maar ze zijn in hun denken op een dood punt gekomen.

Heb je nieuw leven of niet?

Zelf ben ik ook opgegroeid met het christelijke geloof. Ik meende oprecht dat ik een christen was, maar achteraf bleek dat niet meer dan een serieuze, verstandelijke overtuiging. Toen ik in militaire dienst was en in het Protestants Militair Tehuis is Ede een evangeliserende christen ontmoette, ontstond er een goed gesprek. Hij vroeg me naar mijn geestelijk leven en ik probeerde hem ervan te overtuigen dat ik al een christen was en dus eigenlijk niet meer nodig had dan wat ik al had. Hij had al gauw door dat ik het nieuwe leven nog niet had gevonden en stelde er een paar indringende vragen over. Ze kwamen neer op de vraag: heb je nieuw leven in je of niet? Toen bleek dat mijn verdediging zo lek was als een mandje, ook al durfde ik dat nog niet toe te geven. Ik wist wel veel (dacht ik), maar ik had niets. Het was eigenlijk wel irritant om daarmee te worden geconfronteerd. Ik zal je de rest van mijn verhaal besparen, maar deze gebeurtenis was wel de eerste stap van mijn ontdekkingsreis om het nieuwe leven te vinden dat Jezus me later zou geven.

John Wesley

John Wesley ging op tamelijk jonge leeftijd als zendeling naar Amerika om onder de indianen te werken. Het was geen succes en min of meer teleurgesteld reisde hij terug naar Engeland. Onderweg kwam het schip in een gevaarlijke storm terecht en John was bang te zullen sterven. Hij kwam tot het besef dat hij als predikant en zendeling niet de kracht had die hij zag in andere gelovigen aan boord. Later schreef hij: "Ik dacht dat ik naar Amerika ging om de indianen te bekeren, maar ik ben er op de terugtocht achter gekomen dat ik zelf nog tot bekering moest komen." Hij stortte zijn hart voor God uit en gaf zijn leven aan Hem over. Toen kwam God zijn leven binnen en daarover schreef hij: "My heart was strangely warmed! (in mijn hart voelde ik een ongekende warmte)" Dat was de innerlijke bevestiging die God gaf van wat er in zijn hart was gebeurd. Dat markeerde zijn wedergeboorte.

Samenvatting

Ook voor mensen met een kerkelijke achtergrond is er een bekering nodig, ook al zal die anders zijn dan voor mensen met een buitenkerkelijke achtergrond.

  1. Besef je onmacht om te voldoen aan Gods wil, hoe goed je misschien ook je best doet om als christen te leven.
  2. Besef dat een godsdienstige overtuiging die je van huis uit hebt meegekregen geen levend geloof is.
  3. Besef dat je een injectie van goddelijk leven nodig hebt (wedergeboorte) om een echte christen te worden. En die ontvang je na je bekering.

In de volgende onderwerpen worden de verschillende bekeringsaspecten nader uitgewerkt.

 

Herschepping 2.0. Een uitgebreide, samenhangende serie studies over Bijbelse onderwerpen
voor persoonlijke opbouw en gespreksgroepen over Gods herscheppende werk in het leven van de gelovige.
copyright © 2013 - voor het laatst bijgewerkt op 18 maart 2013