4.6.3. Na het sterven van Jezus

Er was iets bijzonders gebeurd

Het sterven van Jezus ging gepaard met wonderlijke verschijnselen, zoals die wonderlijke duisternis midden op de dag, wel drie uur lang. Heel Jeruzalem wist van de kruisiging van Jezus en heel Jeruzalem wist dat dit een zeer bijzondere gebeurtenis was. Heel veel mensen waren ooggetuige van de gebeurtenissen. Niemand kon er omheen.

De dienstdoende Romeinse soldaten bij het kruis hadden oog voor wat er werkelijk gebeurd was. Zij hadden nog nooit iemand zo zien sterven en zij waren daarmee (naast de een van de gekruisigde moordenaars) de enigen die de goddelijkheid van Jezus erkenden. Ze zagen het.

"Toen de centurio (=Romeinse hoofdman over 100 man) en degenen die met hem Jezus bewaakten de aardbeving voelden en merkten wat er gebeurde, werden ze door een hevige angst overvallen en zeiden: 'Hij was werkelijk Gods Zoon'." (Matteüs 27:54, NBV2004)

Ook de grote aantallen omstanders waren aangedaan met de situatie. Op een vreemde manier raakte het hun geweten aan. Ze sloegen zich op de borst als teken van rouw, spijt en inkeer.

"De mensen die voor het schouwspel samengekomen waren en de gebeurtenissen hadden gadegeslagen, keerden terug naar huis, terwijl ze zich op de borst sloegen." (Lucas 23:48. NBV2004)

En de joodse leiders, waren ze nu blij omdat Jezus niet meer leefde? Ze wisten in hun hart heel goed dat Hij om een onwettige manier was veroordeeld door de Joodse Raad. Ze konden de schuld niet afschuiven op Pilatus, omdat zij hem zwaar gemanipuleerd hadden om hun zin te doen. Waren ze zo gewetenloos geworden dat ze Hem uit de weg hadden geruimd omdat Hij hen de waarheid had verteld die ze niet wilden horen? Maar die duisternis was toch wel eng geweest, echt een teken uit de hemel. Was het en blijk van Gods toorn, Gods afkeuring van hun laffe daad?

Nu het afgelopen was hadden ALLE mensen van het volk Israël veel om over na te denken.

Wondertekenen

Maar de vreemde gebeurtenissen waren nog niet voorbij. Bij het sterven van Jezus of kort daarna vonden enkele wonderbaarlijke gebeurtenissen plaats:

1. Het voorhangsel in de tempel scheurde
Juist op het ogenblik dat Jezus stierf kregen dienstdoende priesters in de tempel de schrik van hun leven:

"Op dat moment scheurde in de tempel het voorhangsel van boven tot onder in tweeën ..." (Matteüs 27:51, NBV2004)

Dit was ongehoord. Het kon niet anders of God Zelf had hier de hand in. Zou Jezus dan toch de Messias zijn geweest? Hoe moesten ze het vertellen aan de hogepriester? Het voorhangsel diende om de allerheiligste afdeling van de tempel af te sluiten zodat niemand naar binnen kon kijken. Nu stond ineens alles open. Wat had dit te betekenen? Dit wonderteken had een zeer krachtige symbolische betekenis. Door het sterven van Jezus was de verzoening tussen God en de wereld tot stand gebracht en was de troon van God toegankelijk voor ieder die in Jezus zou geloven.

Dit voorval zal onder de priesters veel stof tot gesprek en nadenken hebben gegeven. Ongetwijfeld is er een verband tussen deze gebeurtenis en het feit dat er later veel priesters tot geloof in Jezus kwamen:

"Gods woord vond steeds meer verbreiding: het aantal volgelingen in Jeruzalem groeide sterk en ook een groot aantal priesters kwam tot geloof." (Handelingen 6:7, GNB1994)

2. Aardbeving

"... en de aarde beefde en de rotsen spleten." (Matteüs 27:51, NBV2004)

Ik heb heel wat aardbevingen meegemaakt in het buitenland, ook heel stevige, maar als rotsen ervan splijten moet het wel een heel forse beving zijn geweest. In het hele land moet het zijn waargenomen.

3. Miniopstanding
Verder gebeurde er iets dat nog meer verbazing wekte:

"De graven werden geopend en de lichamen van veel heiligen werden tot leven gewekt; na Jezus' opstanding kwamen ze uit de graven, gingen de heilige stad binnen en maakten zich bekend aan een groot aantal mensen." (Matteüs 27:52-53, NBV2004)

De dood van Jezus bevestigd

De joodse leiders klopten voor de zoveelste keer bij Pilatus aan. Ze wilden voorkomen dat de veroordeelden op de sabbatdag nog aan het kruis zouden hangen. Ja, hun wetbetrachting was werkelijk aandoenlijk!

"... anders maakt u het land dat de HEER, uw God, u als grondgebied geeft onrein. Want op een gehangene rust Gods vloek." (Deuteronomium 21:23, NBV2004)

Daarom hadden ze Pilatus gevraagd of de benen van de gekruisigden gebroken mochten worden. Dan zouden ze binnen een kwartier sterven en konden ze van het kruis afgehaald worden (Johannes 19:31). We laten de Bijbel het verhaal maar verder vertellen.

"Toen braken de soldaten de benen van de eerste die tegelijk met Jezus gekruisigd was en ook die van de ander. Vervolgens kwamen ze bij Jezus, maar ze zagen dat hij al gestorven was. Daarom braken ze zijn benen niet. Maar een van de soldaten stak een lans in zijn zij en meteen vloeide er bloed en water uit." (Johannes 19:32-34, NBV2004)

Dit was het overtuigende bewijs dat Jezus daadwerkelijk gestorven was. De evangelist Johannes was ooggetuige van deze gebeurtenis en bevestigde dit extra om de lezers van zijn verslag te overtuigen van de waarheid van het feit: Jezus is werkelijk gestorven en later even werkelijk uit de dood opgestaan.

"Hiervan getuigt iemand die het zelf heeft gezien, en zijn getuigenis is betrouwbaar. Hij weet dat hij de waarheid spreekt en wil dat u gelooft." (Johannes 19:35, NBV2004)

Begrafenis

Na het sterven van Jezus verscheen Jozef uit Arimatea op het toneel. Hij was in het geheim een discipel van Jezus geweest (Johannes 19:38).

"Hij was een raadsheer, een goed en rechtvaardig mens, die de komst van het koninkrijk verwachtte en niet had ingestemd met het besluit en de handelswijze van de raad. Hij ging naar Pilatus en vroeg hem om het lichaam van Jezus." (Lucas 23:50-52, NBV2004)

Pilatus wilde eerst zeker weten of Jezus wel gestorven was.

"Het bevreemdde Pilatus dat hij dood zou zijn en hij riep de centurio bij zich, aan wie hij vroeg of Jezus al gestorven was, en toen de centurio dat bevestigd had, gaf hij het lijk aan Jozef." (Marcus 15:44, NBV2004)

Toen kwam ook Nicodemus erbij.

"Nikodemus, die destijds 's nachts naar Jezus toe gegaan was, kwam ook ; hij had een mengsel van mirre en aloë bij zich, wel honderd litra. Ze wikkelden Jezus' lichaam met de balsem in het linnen, zoals gebruikelijk is bij een Joodse begrafenis. Dicht bij de plaats waar Jezus gekruisigd was lag een olijfgaard, en daar was een nieuw graf, waarin nog nooit iemand begraven was. Omdat het voor de joden voorbereidingsdag was en dat graf dichtbij was, legden ze Jezus daarin." (Johannes 19:39-42, NBV2004)

Jozef en Nicodemus bekenden nu kleur als uitgesproken volgelingen van Jezus. Hun vooraanstaande posities konden ze wel vergeten, maar dat deerde hen niet.

"... Toen rolde hij (=Jozef) een grote steen voor de ingang van het graf en vertrok. Maria uit Magdala en de andere Maria bleven achter, ze waren tegenover het graf gaan zitten." (Matteüs 17:60-61, NBV2004)

De wacht bij het graf

De volgende dag gingen de joodse leiders naar Pilatus met een verzoek:

"... wij herinneren ons dat deze verleider gezegd heeft toen hij nog leefde: Na drie dagen zal ik opgewekt worden. Geef dan bevel dat het graf tot de derde dag beveiligd wordt, opdat zijn discipelen Hem 's nachts misschien niet komen stelen en tegen het volk zeggen: Hij is opgewekt uit de doden..." (Matteüs 27:63-64, HSV2010)

Pilatus stemde erin toe. Hij zal wel gedacht hebben: "Wanneer houden ze er nou eindelijk mee op?"

Er is een vraag die me bezighoudt: wie geloofden er direct na Jezus' dood nog dat Hij na drie dagen zou opstaan? Alleen de joodse leiders? Het lijkt er wel op. In de Bijbel lezen we dat alle anderen (ook de elf discipelen!) alleen verbaasd en verward waren nadat Jezus was opgestaan. Merkwaardig toch.

 

Herschepping 2.0. Een uitgebreide, samenhangende serie studies over Bijbelse onderwerpen
voor persoonlijke opbouw en gespreksgroepen over Gods herscheppende werk in het leven van de gelovige.
copyright © 2013 - voor het laatst bijgewerkt op 4 januari 2017