2.3.2. Doel en roeping van de mens

Omdat God onze Schepper is, is Hij de enige die het doel van de mens kan bepalen.

"En God zei: Laten wij mensen maken die ons evenbeeld zijn, die op ons lijken ..." (Genesis 1:26, NBV2004)

Geschapen tot evenbeeld van God

De mens is het meest hoogstaande wezen dat ooit door God geschapen is. Van alle geschapen wezens lijkt de mens in de meeste opzichten op God, meer dan bijvoorbeeld de engelen.

"U hebt hem weinig minder dan een god gemaakt, hem met glorie en eer gekroond. U laat hem heersen over alles wat u gemaakt hebt, alles hebt u aan zijn voeten gelegd..." (Psalm 8:6-7, GNB1996)

Dat is een ongelooflijk kostbaar Bijbels gegeven. Het menselijke geslacht heeft dus een buitengewoon grote waarde voor God. We zijn als mensen door God geschapen om voor Hem te leven en iets van zijn heiligheid en liefde uit te stralen. We zijn op aarde neergezet als beelddragers van onze Schepper in de meest hoogstaande betekenis van het woord.

De mens lijkt op de Schepper in de volgende opzichten:

  1. God is een drie-enig God (Vader, Zoon en Geest) terwijl de mens ook een drie-enige persoonlijkheid heeft (ziel, lichaam, geest).
  2. Menselijke karaktereigenschappen zijn afbeeldingen van Gods karaktereigenschappen.
  3. De mens is als het enige geschapen wezen in staat zowel in de geestelijke als in de materiële wereld te functioneren.

Bij de zondeval is de mens ernstig ontluisterd en ver van God af komen te staan. Na bekering en wedergeboorte is de mens weer op weg om beelddrager van God te zijn, waartoe de Schepper de mens oorspronkelijk had bedoeld:

"Want hen die Hij van tevoren gekend heeft, heeft Hij er ook van tevoren toe bestemd om aan het beeld van Zijn Zoon gelijkvormig te zijn ..." (Romeinen 8:29, HSV2010)

Het geestelijk ontwikkelingsproces van een gelovige is er op gericht om tijdens zijn leven op aarde zoveel mogelijk op Jezus, en dus op de Schepper te gaan lijken.

Geschapen om in verbondenheid met God te leven

God heeft de mens geschapen als een voorwerp van zijn liefde. De liefde van God voor de mensen wordt op talloze manieren in de Bijbel verwoord. Deze liefde van God is de basis voor het overvloedige leven dat God gelovigen geeft in het hier en nu, en na het aardse leven in volmaaktheid. Eens zei God luid en duidelijk hoorbaar over zijn Zoon toen hij door de profeet Johannes werd gedoopt:

"... Dit is mijn geliefde Zoon, in wie Ik vreugde vind." (Matteüs 3:17, WV1995)

En zo kijkt God ook naar elke ware gelovige, die immers in Gods familie is geboren door wedergeboorte.

"... Dan zullen zij (=ware gelovigen) volkomen één zijn en zal de wereld begrijpen dat u mij hebt gezonden, en dat u hen liefhad zoals u mij liefhad." (Johannes 17:23, NBV2004)

We weten vanuit de Bijbel (vooral vanuit het Johannes evangelie) hoe intens en diepgaand de relatie is tussen God de Vader en de Zoon. In de bovenstaande woorden van Jezus zegt Hij dat de Vader de mensen even intens en even diepgaand liefheeft als zijn eigen Zoon. Dat is iets om even stil van te worden.

Leven in gemeenschap met God en in liefdevolle toewijding aan Hem is de hoogste roeping van de mens. In het Nieuwe Testament zien we dat als volgt verwoord:

"God is trouw. Hij heeft u geroepen om samen een te zijn met zijn Zoon, onze Here Jezus Christus." (1 Korintiërs 1:9, HB2008)

Die mogelijkheid tot eenheid en verbondenheid met God is een groot geheim en de kern van het mens-zijn. Het doel van de mens is niet dat hij tot geloof in God komt, maar om een te worden met Hem. Geloof is niet het doel, maar het middel tot verbondenheid met God. Materiële dingen hebben betrekkelijk weinig waarde voor God: in een oogwenk zou Hij nieuwe werelden kunnen maken. Maar er is één ding dat zelfs de Schepper niet kan maken en wat voor Hem van onschatbare waarde is: de vrijwillige toewijding en liefdevolle aanbidding van de mens. Laten we nooit vergeten dat we God daar onnoemelijk blij mee kunnen maken. God heeft de mens geschapen als HET voorwerp van zijn vreugde. De mens vindt dan ook zijn hoogste bestemming en vreugde door te leven in dagelijkse verbondenheid God.

God sloot vriendschap met mensen die Hem dienden, zoals met Henoch, Noach, Abraham en Mozes. De Bijbel bestaat uit het Oude en het Nieuwe Testament, behorend bij het Oude en het Nieuwe Verbond. God wilde altijd een band hebben met de mensen. In de laatste hoofdstukken van de Bijbel lezen we dat God een Nieuwe Aarde zal scheppen, waarop God bij de mensen wil gaan wonen.

"... Gods woonplaats is onder de mensen, hij zal bij hen wonen..." (Openbaring 21:3, NBV2004)

Dat doet God niet door in een groot paleis op een hoge berg te gaan wonen, maar gewoonweg te midden van de mensen. Het woord voor 'wonen' in de grondtekst betekent eigenlijk 'in een tent wonen', zoiets als kamperen, heel informeel dus. Dit is bijna niet te geloven. God is en blijft een oneindig heilige God, maar tegelijkertijd wil Hij oneindig graag oneindig dicht bij de mensen zijn en persoonlijke omgang met hen hebben. In de geloofsbelijdenis van Westminster staat: "Het doel van de mens is om God te kennen en eeuwig van Hem te genieten." Jezus zei in zijn 'hogepriesterlijk gebed':

"Het eeuwige leven, dat is dat zij u kennen, de enige ware God, en hem die u gezonden hebt, Jezus Christus." (Johannes 17:3, NBV2004)

Geschapen om God en de medemens lief te hebben

God heeft de mens zo gemaakt dat hij alleen goed functioneert als de toewijding van zijn hart in de eerste plaats op God is gericht en in de tweede plaats op andere mensen. Dat komt overeen met de samenvatting van Gods leefregels, zoals Jezus die als volgt heeft verwoord:

"... Het eerste is dit: Luister Israël, de Heer onze God is de enige Heer; u zult de Heer uw God liefhebben met heel uw hart en met heel uw ziel, met heel uw verstand en met heel uw kracht. Het tweede is dit: U zult uw naaste liefhebben als uzelf. Een ander gebod, groter dan deze twee, is er niet." (Marcus 12:29-31, GNB1996)

Geschapen om de aarde te bevolken

In deze opdracht van God ligt de waarde van het huwelijk tussen man en vrouw verborgen. God heeft zowel mannen als vrouwen geschapen om daarmee iets af te beelden van zichzelf. Het vermogen van man en vrouw om een team te vormen, elkaar lief te hebben en vanuit de meest intieme liefdesuiting kinderen voort te brengen is zo ongeveer het meest subtiele en het meest verwondering oproepende van Gods schepping. Het laat zien dat de heilige Schepper in wezen een liefdevolle, relatiegerichte God is. God heeft alle levende wezens het vermogen gegeven om zich voort te planten (een van de belangrijkste kenmerken van levende wezens), maar de manier waarop dat bij mensen werkt is wel heel bijzonder.

Geschapen om de aarde te beheren

"U hebt hem (= de mens) toevertrouwd het werk van uw handen en alles aan zijn voeten gelegd." (Psalm 8:7, NBV2004)

Al op de eerste bladzijde van de Bijbel lezen we dat God aan de mens de opdracht gaf de aarde te onderwerpen en over de aarde te heersen (Genesis 1:28). De mens is bestemd om namens God verantwoordelijkheid te dragen voor de schepping. God heeft de mens enorme mogelijkheden gegeven om creatief om te gaan met de natuur, het houden van vee, verbouwen van gewassen, bouwen van huizen, enzovoort. Het was Gods uitdrukkelijke bedoeling dat de mensen goed zouden omgaan met zijn schepping, vanuit een vanzelfsprekend respect voor het werk van hun Schepper.

Wanneer Jezus terugkomt zal Hij Koning zijn over de hele aarde. In het Nieuwe Testament zien we op verschillende plaatsen dat gelovigen na de wederkomst van Jezus zullen meeregeren over de aarde, met en onder Jezus. Dit is de uiterste vervulling van de opdracht aan de mens om te heersen over de aarde. Reden genoeg overigens om het onderwerp rentmeesterschap over de natuur serieuzer te nemen dan we gewend zijn. Het is een goede voorbereiding op onze toekomstige taak!

 

Herschepping 2.0. Een uitgebreide, samenhangende serie studies over Bijbelse onderwerpen
voor persoonlijke opbouw en gespreksgroepen over Gods herscheppende werk in het leven van de gelovige.
copyright © 2013 - voor het laatst bijgewerkt op 18 maart 2013