2.3.1. Mens als afhankelijk wezen

Toen maakte God, de HEER, de mens. Hij vormde hem uit stof, uit aarde, en blies hem levensadem in de neus. Zo werd de mens een levend wezen." Genesis 2:7, NBV2004)

"De Geest van God heeft mij gemaakt, de adem van de Almachtige laat mij leven." (Job 33:44, WV1995)

Het leven als geschenk van de Schepper

Het lichaam van Adam, de eerste mens, werd geheel opgebouwd uit de elementen die op de aarde voorkomen. Daarmee was hij nog geen levend wezen, want het leven zelf is niet opgebouwd uit materiële elementen. Het leven is en blijft een mysterieus geschenk van God. God blies de levensadem in de mens en daardoor werd hij een levend wezen. Die levensadem was niet alleen voor mensen, ook de dieren hadden die ontvangen (Genesis 7:22). Hoe dat allemaal werkt beschouw ik als een van de geheimen van onze Schepper.

Geestelijk leven

Maar er is nog meer. God had de eerste mens ook een levensboom gegeven. Door het eten van de vruchten van die boom zou de mens ongetwijfeld een rijkere vorm van leven van God ontvangen, vergelijkbaar met wat wij vandaag de dag kennen als de inwoning van de Heilige Geest. Dat staat niet zo beschreven in de Bijbel, maar ik veronderstel dat de levensboom het spiegelbeeld was van de doodsboom (boom van kennis van goed en kwaad) waardoor de mens de geestelijke dood zou sterven. Om die hogere kwaliteit van leven daadwerkelijk te ervaren was een keuze van de mens nodig om zijn eigen afhankelijkheid van God te erkennen en de bereidheid om dat leven van Hem te willen ontvangen.

Zie meer hierover in onderwerp 'Levensboom en doodsboom' in hoofdstuk 'Zondeval van de mens'.

Afhankelijk, maar wel met een vrije wil

De mens is in wezen afhankelijk van God, maar tegelijk heeft God hem een vrije wil gegeven om allerlei beslissingen zelf te nemen binnen de grenzen van Gods soevereine wil. De mens moet dus bijvoorbeeld zelf kiezen of hij God wil dienen of juist niet, en of hij goede of juist verkeerde dingen wil doen. Afhankelijkheid en zelfstandigheid zijn eigenlijk twee tegengestelde begrippen. Daar kunnen we als mensen niet goed mee uit de weg. We zien dat al in diverse theologische uitgangspunten: sommige kerkelijke kringen benadrukken de afhankelijkheid van God ten koste van zijn eigen wil en verantwoordelijkheid. Dat resulteert vaak in een passieve levenshouding met weinig geloofskracht. Andere gelovigen benadrukken de vrije wil van de mens ten koste van de afhankelijkheid van God. Daardoor komt de mens teveel centraal te staan en ontstaat er een overmoedige geloofshouding, die wel heel wat lijkt, maar uiteindelijk ook weinig resultaat oplevert. Kortom, we moeten een goede balans proberen te bewaren tussen het besef van afhankelijkheid én het besef dat we zelf verantwoordelijk zijn voor onze daden. We dienen te groeien tot zelfstandige, volwassen gelovigen, die op een heilzame manier afhankelijk van God zijn.

Zie meer over dit onderwerp in onderwerp 'Afhankelijk van God' in hoofdstuk 'Zwakheid en kracht'.

Geschapen met beperkingen

God heeft de mens gemaakt als een stoffelijk wezen, om te functioneren in de materiële wereld met begrenzingen van ruimte en tijd.

"Uit één mens heeft Hij heel het mensenvolk gemaakt om overal op aarde te wonen. Hij heeft bepaalde tijden vastgesteld en hun woongebieden afgegrensd, met de bedoeling dat ze God zouden zoeken en Hem wellicht tastenderwijs zouden vinden; Hij is immers niet ver van ieder van ons." (Handelingen 17:26-27, WV1995)

Ook heeft God de mens een ingebouwd godsbesef gegeven, zodat hij een natuurlijk verlangen heeft om 'de hogere macht' te zoeken en te ontdekken.

"... De dwaas zegt in zijn hart: Er is geen God ..." Psalm 14:1, NBG1951)

Het getuigt niet van veel intelligentie als mensen vanuit het waarnemen van de natuur niet willen komen tot het erkennen dat dit alles wel geschapen MOET zijn door een intelligent Opperwezen. Het religieus besef komen we bij alle volken tegen. Alleen een relatief kleine groep mensen die zich bewust afzetten tegen het idee dat er een God bestaat, komen tot de zelfbedachte bewering dat Hij niet zou bestaan.

Afhankelijk van andere mensen

God heeft ieder mens ook op een andere manier als een afhankelijk wezen geschapen. Elk mens heeft andere mensen nodig om normaal te kunnen functioneren. Daarom zegt God ook:

"De HEER God sprak: 'Het is niet goed dat de mens alleen blijft. Ik ga een hulp voor hem maken die bij hem past.' " (Genesis 2:18, WV1995)

Deze woorden hadden in de eerste plaats betrekking op het huwelijk tussen man en vrouw, maar de betekenis is niet daartoe beperkt:

  • Een zuigeling die geen liefde of aanraking van de moeder of verzorgster ontvangt, kan sterven door puur gebrek aan zorgzame liefde.
  • Een mens die helemaal op zichzelf leeft wordt gegarandeerd een scheefgegroeide zonderling. Hij heeft ook vriendschappen en andere sociale contacten nodig om normaal te kunnen functioneren.
  • Christengelovigen hebben een gemeente met geloofsgenoten nodig om samen met anderen in geestelijke zin te kunnen groeien tot volwassenheid.

 

Herschepping 2.0. Een uitgebreide, samenhangende serie studies over Bijbelse onderwerpen
voor persoonlijke opbouw en gespreksgroepen over Gods herscheppende werk in het leven van de gelovige.
copyright © 2013 - voor het laatst bijgewerkt op 4 januari 2017