2.1.2. Engelen

Engelen zijn geestelijke wezens

Engelen zijn door God geschapen wezens die van nature in de geestelijke wereld functioneren, evenals de mensen van nature in de materiële wereld functioneren. Omdat de materiële wereld vanuit de geestelijke wereld is geschapen mogen we veronderstellen dat de geestelijke wereld VOOR de materiële wereld is geschapen, inclusief de engelen. Daarom konden de engelen getuigen zijn van de schepping van de materiële wereld:

"Waar was jij, toen ik de aarde grondvestte? ... terwijl de morgensterren samen jubelden, en Gods zonen het uitschreeuwden van vreugde?" (Job 38:5-7, NBV2004)

De termen 'morgensterren' en 'Gods zonen' kunnen in dit Bijbelvers gelezen te worden als 'engelen' (zie ook Job 1:6). Soms kunnen ze waarnemen wat op de aarde gebeurt:

"... Wij zijn immers een schouwspel geworden voor de wereld en voor engelen en voor mensen." (1 Korintiërs 4:9, HSV2010)

"Zo, zeg Ik u, is er blijdschap bij de engelen van God over één zondaar die zich bekeert." (Lucas 15:10, NBV2004)

Engelen hebben alleen een geestelijke verschijningsvorm, die we een geestelijk lichaam zouden kunnen noemen. Maar zo nodig kunnen ze zich tijdelijk in een aards lichaam op aarde manifesteren en de Bijbel geeft veel voorbeelden van zulke engelenverschijningen.

Engelen hebben meer kennis en een grotere macht dan mensen. Als geestelijke wezens kunnen ze zich letterlijk in 'no time' verplaatsen waarheen ze willen. Het aantal engelen is ontzagwekkend. De apostel Johannes probeert te beschrijven hoeveel hij er in zijn hemelvisioen zag:

"... En hun aantal bedroeg tienduizenden tienduizendtallen en duizenden duizendtallen." (Openbaring 5:11, HSV2010)

Evenals mensen zijn ook engelen geschapen met een vrije wil. De meesten zijn God trouw gebleven, maar de satan is een geschapen engel die tegen God in opstand kwam en een deel van de engelen is met hem meegegaan. Deze 'gevallen engelen' mochten daarna niet langer in de hemel wonen waar God troont. De engelen die nu in de hemel wonen zijn altijd trouw gebleven aan God en hebben nooit gezondigd.

"Prijs de HEER, hemelse machten, dienaren die doen wat hem behaagt." (Psalm 103:21, NBV2004)

Zijn engelen geslachtloos?

In de Bijbel worden uitsluitend mannelijke engelen beschreven. Jezus vertelde eens dat engelen niet zoiets als een huwelijk kennen (Matteüs 22:30). Op grond daarvan zijn er uitleggers die menen dat ze geslachtloos zijn, maar dat is geen logische conclusie. Daar staat tegenover dat er in Genesis 6:2 wordt gesproken over 'zonen Gods' (dat wil in dit geval zeggen: gevallen engelen) dat zij seksuele omgang hadden met 'vrouwen uit de mensen'. Ik vind dat behoorlijk mannelijk klinken. Bovendien zijn alle woordvormen die op engelen betrekking hebben mannelijk en niet vrouwelijk of onzijdig.

De meeste Bijbeluitleggers gaan ervan uit dat God alle engelen ooit ineens heeft geschapen, als volwassen mensen, hoewel er geen Bijbels bewijs voor is. Verder zijn het altijd gave, volwassen engelen. Bij de opstanding verscheen er bijvoorbeeld een engel die er jong uitzag:

"Toen ze het graf binnengingen, zagen ze rechts een in het wit geklede jongeman zitten." (Marcus 16:5, NBV2004)

De Bijbel spreekt dus niet over babyengeltjes zoals je soms op plaatjes ziet. Ook geen vrouwelijke engelen of engelen met ouderdomsrimpels, zoals in de populaire Tv-serie 'Touched by an angel' van een aantal jaren geleden. De meeste engelenverschijningen die we in de Bijbel tegenkomen zijn kortstondig: ze zeggen iets, doen soms iets, en dan zijn ze weer weg. Het is dus erg onwaarschijnlijk dat ze op aarde allerlei langdurig zichtbare werkzaamheden of bezigheden verrichten, zoals in de genoemde Tv-serie.

Benamingen voor engelen

De Bijbel noemt engelen in zijn algemeenheid onder meer:

  • zonen van God (Job.1:6; 38:7) omdat God hen als Schepper tot leven heeft geroepen
  • uitvoerders van Gods wil (Psalm 103:20-21)
  • dienende geesten, in de hemel (zie Bijbelboek Openbaring) en op de aarde (Hebreeën 1:4)
  • heiligen (Psalm 89:5; Daniël 4:13; Daniël 8:13)

Rangorde en verschijningsvormen van engelen

We lezen in de Bijbel over allerlei soorten engelen. Enkele hoog gepositioneerde engelen worden met name genoemd: de boodschapper Gabriël (Lucas 2) en een voorname legeraanvoerder in de engelenwereld: Michaël (Daniël 10:13; Openbaring 12:7). We mogen ervan uitgaan dat er in de engelenwereld een zekere hiërarchie bestaat met bepaalde rangen en standen.

In het volgende gedeelte uit het Bijbelboek Openbaring beschrijft Johannes een uitzonderlijk machtige engel:

"Ik zag een andere machtige engel uit de hemel neerdalen. Een wolk omhulde hem en de regenboog was om zijn hoofd. Zijn gezicht was als de zon en zijn benen waren als zuilen van vuur. Hij hield een kleine boekrol geopend in zijn hand. Hij zette zijn rechtervoet op de zee en zijn linkervoet op het land. Hij riep met een luide stem, zoals een leeuw brult ..." (Openbaring 10:1-3, NBV2004)

Diverse mensen hebben engelen waargenomen met een opvallend grote lichaamslengte (tot tweemaal zo groot als een mens), waarbij het ging om engelen die een beschermende taak uitvoerden.

Alle overige engelen hebben geen vleugels. Ze hebben die ook niet nodig om te vliegen omdat alle geestelijke wezens zich moeiteloos overal heen kunnen verplaatsen. Ze worden bij verschijningen op aarde meestal aangezien voor gewone mannen, andere keren als mannen met een stralend uiterlijk. Ze spreken met het gezag van hun Opdrachtgever. Ze gedragen zich uiterst vriendelijk en behulpzaam en nadat ze gedaan hebben waarvoor ze op aarde zijn verschenen, verdwijnen ze even plotseling als ze gekomen waren.

Engelen hebben de hemelse heerlijkheid

De Bijbel spreekt ook over engelen, die er verre van alledaags uitzagen en veel van Gods heerlijkheid afstraalden, zoals bij de aankondiging van Jezus' geboorte aan de schaapherders:

"Opeens stond er een engel van de Heer bij hen en de heerlijkheid van de Heer omstraalde hen. Ze schrokken hevig." (Lucas 2:9, WV1995)

In het Bijbelboek Openbaring wordt van engelen in de hemel verteld dat ze witte kleding droegen (Openbaring 19:14) als teken van hun volmaakte reinheid. Ook na de opstanding van Jezus uit de dood verschenen er engelen in blinkende gewaden aan de discipelen (Lucas 24:4-6).

Soms wilden mensen aan wie een engel verscheen hem aanbidden alsof hij God zelf was. In zulke gevallen zeiden engelen met nadruk dat niet zij, maar alleen God aanbeden moest worden. Desondanks waren er christenen in de tijd van Paulus die ongezond veel aandacht besteedden aan de engelenwereld. Paulus keurde dat streng af:

"Laat niemand u de prijs doen missen door ... engelenverering ..." (Kolossenzen 2:18, NBG1951)

 

Herschepping 2.0. Een uitgebreide, samenhangende serie studies over Bijbelse onderwerpen
voor persoonlijke opbouw en gespreksgroepen over Gods herscheppende werk in het leven van de gelovige.
copyright © 2013 - voor het laatst bijgewerkt op 18 maart 2013