1.8.3. Van ontluistering naar herluistering

In de verschillende perioden van de wereldgeschiedenis zien we eerst een stapsgewijze ontluistering en vervolgens een stapsgewijze herluistering van het woongebied van de mensen. Schematisch kan het als volgt worden weergegeven:

ontluistering en herluistering

We zien op de scheidingslijnen tussen twee opvolgende perioden (aangegeven door pijlen) telkens een tijdsgewricht of ingrijpende gebeurtenis.

  1. Paradijs - Voor de zondeval was de aarde zeer goed bewoonbaar, waarschijnlijk zonder de oceanen die we nu kennen. Doordat de aarde niet werd bevochtigd door regen, maar door waterdamp, dat uit de aarde opsteeg en als een soort schild in de atmosfeer diende, was er over de hele aarde waarschijnlijk een gelijkmatig, prettig warm klimaat zonder de huidige verschillen tussen zomer en winter (Genesis 2:6). De hele natuur leefde in harmonie met God de Schepper.
  2. Voor de zondvloed - Door de zondeval ontstond de eerste ontluistering: een schepping, waaruit de heerlijkheid van God was verdwenen, en die onder de vloek van dood, verderf en disharmonie was gekomen. Er is geen reden te vermoeden dat aarde op dat moment belangrijke geografische veranderingen onderging.
  3. Voor Christus - Bij de tweede ontluistering, de zondvloed, werd de aarde onherkenbaar veranderd door de overstromingen, waardoor wellicht grote oceanen en ook nieuwe bergen en dalen ontstonden. Bovendien veranderde het klimaat en ontstonden de seizoenen zoals we die nu kennen (Genesis 8:22), waarbij bewolking en regenval belangrijke klimaatsfactoren werden (Genesis 9:13). Daarna was er nog maar een klein percentage van het aardoppervlak redelijk bewoonbaar.
  4. Na Christus - In het huidige tijdsbestek is de aarde in de meest beroerde conditie. Te midden van die meest ontluisterde periode van de aarde staat het kruis van Jezus, waardoor God de mogelijkheid heeft geopend voor herstel van de hele schepping (Romeinen 8:19). De mensheid dreigt zich in allerlei opzichten zo te ontwikkelen dat het voortbestaan van het menselijk ras op termijn niet meer mogelijk is.
  5. Vrederijk - Het Messiaanse Vrederijk begint, waarbij de satan niet meer op aarde actief kan zijn en waarin de harmonie in de natuur wordt hersteld en onder de regering van Koning Jezus er orde en vrede heerst op aarde (Jesaja 2:2-4; Jesaja 11:1-10; Jesaja 32:1-5). Het is niet ondenkbaar dat er dan ook forse klimaatsverbeteringen zullen plaatsvinden in een ontwikkeling tegengesteld aan de neergaande lijn van de eerder genoemde perioden.
  6. Nieuwe Aarde - Na de laatste opstand van de mensheid onder leiding van de satan zal de huidige aarde vergaan (Openbaring 20:11; Openbaring 21:1) en na het Laatste Oordeel (Openbaring 20:11-15) zal de eindperiode beginnen van de Nieuwe Aarde (Openbaring 21-22). Dan ontstaat er een glorieus leefklimaat dat ongetwijfeld veel overeenkomsten zal hebben met het paradijs.

Er komt een volmaakte wereld

In het begin heeft God de duistere aarde herschapen tot een paradijselijke wereld (Genesis 1), maar licht en duisternis bleven naast elkaar bestaan. De strijd tussen licht en duisternis zal eenmaal gestreden zijn. Het licht zal dan definitief hebben overwonnen.

 

Herschepping 2.0. Een uitgebreide, samenhangende serie studies over Bijbelse onderwerpen
voor persoonlijke opbouw en gespreksgroepen over Gods herscheppende werk in het leven van de gelovige.
copyright © 2013 - voor het laatst bijgewerkt op 18 maart 2013